Vandaag is een heerlijke dag. We genieten van diverse lokale lekkernijen en drankjes. Ook spotten we aapjes en bezoeken we een waterval en theeplantage.
Zondag 18 januari 2026. Na een rustige nacht slapen zijn we fysiek weer opgeladen. Nu financieel nog even! We gaan op zoek naar een bank. Ook al zegt het internet dat je hier overal met pin kunt betalen, cash blijft king. De eerste bank lust onze pasjes niet, maar bij de tweede stromen de ringgit er uit. Fijn.
Na het pinnen rijden we naar de de Coconut Shake voor ontbijt. We bestellen twee Roti Canai en twee Teh Tarik. We krijgen de meest simpele roti’s die ze hebben en smikkelen het op.

Op één roti kunnen we natuurlijk niet leven en we besluiten er nog een te bestellen. We wilden de Sarang Burung Ayam, maar er was geen banaan. Op advies van de ober gaan we voor de Sarang Burung Daging (vogelnest). De caissière komt nog even vragen of we deze echt willen, want die is met rundvlees. Heerlijk zo’n vogelnestje. Zeker met een te zoete koffie erbij.

Na het ontbijt checken we uit en verlaten we Kuala Selangor om richting Cameron Highlands te gaan. Als we over de B74 rijden, spot ik twee, naar het lijkt, zwerfhonden. Ik rij ze rustig tegemoet en zie plots dat het langstaartmakaken zijn. Hoe leuk is dat. Vanuit de auto kijken we even naar de groep apen. Het is een hele familie brutale apen.

Na de apen zien we dat er in dit gebied ook tapir zitten. Helaas is het een nachtdier en moeten we deze aan ons voorbij laten gaan. We rijden door naar de supermarkt in Desa Manu Felda Sungai Tengi. Daar halen we wat drinken en koekjes. Op de markt ervoor gaan we voor Pisang Goreng Crispy (gebakken banaan) en nog een verfrissend drankje. De verkopers zijn super lief en laten ons ook wat Tempeh Goreng (gefermenteerde sojabonen) proeven. Ook al zo lekker.

We rijden verder en na een stuk tolweg beginnen we aan een slingerweg de bergen in. De natuur wordt hier wat ongerepter dan het eerste stuk. Bij Lata Iskandar stoppen we. De waterval is populair, maar ik weet de auto ergens tussen te proppen.

Bij de waterval spotten we een vlinder. Het beestje is zwart-wit en groter dan een roodborstje. Het blijkt de Rode Helen, oftewel een grote zwaluwstaartvlinder, te zijn.

Deze stop eindigt met een lunch. In een lokaal eetlokaal krijgen we de optie tussen platte noodles en ronde noodles. Oh en of we er kip bij willen. Het smaakt in ieder geval heerlijk! Twee volle en gehydrateerde buikjes voor slechts 20 ringgit (€4,03).

We rijden verder de bergen in en stoppen bij de Cameron Valley Tea House. Het is er druk, erg druk. Veel lokale toeristen weten de theeplantage te vinden. We kopen een kaartje om er te mogen wandelen en laten de busrit over het terrein schieten. De beentjes strekken is stukken gezonder.

Na een wandelingetje omlaag de theevelden in moeten we ook weer omhoog. Het kwik hangt nog rond de 28 graden wat het toch wel pittig maakt. Eenmaal boven gaan we nog even de theewinkel in waar Monique haar oog laat vallen op het enige product wat achter slot en grendel staat. We kopen de pot witte thee en verlaten de kermis.
Een half uurtje later rijden we Tanah Rata in. We stoppen eerst bij de door een collega getipte Cameron Secrets Travel en Tours waar we onze tours voor de komende dagen moeten afrekenen. Zonder op te letten loop ik naar binnen, maar al snel word ik gesommeerd om eerst mijn schoenen uit de doen. Toch wat bijzonder in een hotel. We rekenen af en gaan op de foto zodat de tourguide morgen weer op wie hij wacht.
Dan door naar ons hotel. Het heet Silvan Garden en is kleinschalig. Ook hier moeten de schoentjes uit. We checken in en krijgen kamer 33. Dan lopen we even naar de lokale buurtsuper om ontbijt voor morgen te halen, we moeten ons immers om zeven uur melden.
Dan is het tijd om te chillen op het dakterras. Even een uurtje of wat bijkomen.

Rond half zeven lopen we het dorp in. We beginnen met een voorgerecht bij de Satay Abang. We bestellen vijf stokjes sateh ajam en vijf stokjes sateh beef belly. We mogen in de naastgelegen Orchid Food Corner aan tafel zitten. De ober daar weet ons nog wat lekkere sapjes te brengen. En die stokjes vlees… het water loopt in je mond zo lekker. Heerlijke pindasaus erbij. Nom nom nom.

Met een eerste bodem in de maag gaan we op zoek naar een hoofdgerecht. De straat met de meeste restaurants is ietwat toeristisch en de proppers proberen ons naar binnen te lokken. Maar ja, de stoeltjes zien er te goed uit, dus we lopen door. In de verte zien we iets wat op een markt lijkt. Het blijken restaurants te zijn, nou ja… het zijn marktkramen met een overdekt terras. We besluiten bij de ADEQ Corner te eten.
Na de kaart bestudeerd te hebben gaan we voor Nasi Goreng Ajam en Koeyteow Terang met garnalen. Allebei een lychee drankje erbij. Als we wachten bestuderen we de reviews op Google. De plek komt niet hoger dan een 2.4. Dat belooft niet veel soeps. Het blijkt echter anders, het eten is gewoon goed. Smaakvol en lekker. Okay, de garnalen durven we na de reviews niet te eten, maar het is echt lekker.

Ook over de sfeer mogen we niet klagen. Het is erg gezellig tussen de locals.

Na het eten halen we op de markt ernaast nog een bakje aardbeien. Daarna lopen we terug naar het hotel waar we douchen en al dat heerlijke eten gaan verteren.
Een gedachte over “Aapjes kijken”
Weer erg leuk om dit te lezen!